Duurzame samenleving

Klimaat en energie

Er ís een klimaatprobleem en het vraagstuk wordt elke dag groter. Niks doen is geen optie. Dan kun je gaan zitten treuren en klagen, maar beter is om het als een noodzakelijk uitdaging te zien en de handen uit de mouwen te steken. Wat ons betreft is de gebouwde omgeving uiterlijk 2035 klimaatneutraal en de hele gemeente vóór 2050. Dit vraagt wat van alle inwoners en de gemeente. Maar het levert ook veel op. GroenLinks daagt uit om:

  • een radicaal maar realistisch langetermijn-klimaatbeleid vast te stellen en uit te voeren, zodat bewoners en bedrijven investeringszekerheid hebben.
  • goede isolatie en duurzame energie (zonnepanelen) voor koop- en huurwoningen te stimuleren.
  • Dit is de effectiefste en goedkoopste oplossing op korte termijn. Mooie haalbare uitdaging, ook voor en met woningbouwcorporaties. In 2022 hebben we minimaal vijfduizend woningen energieneutraal gemaakt (nul-op-de-meter-woningen).
  • windmolens te plaatsen: in 2022 zijn er minimaal tien windmolens in de gemeente gebouwd.
  • Natuurlijk samen met en zoveel mogelijk in eigendom van de bewoners in de omgeving.
  • het plaatsen van zonnepanelen op grote daken en velden door energiecoöperaties en lokale bedrijven te stimuleren.
  • de (gebouwde) omgeving aan te passen aan de gevolgen van klimaatverandering.
  • energiemaatregelen ook te laten financieren door slimme fondsen, die zichzelf (deels) weer aanvullen, waarbij voorfinanciering mogelijk is om inwoners met lage inkomens te helpen hun eigen woningen energiezuinig te maken.
  • de onroerendezaakbelasting (ozb) afhankelijk te maken van het energielabel. Kan dat? Het uitzoeken waard.

Duurzame economie

Grote investeringen zijn nodig voor een duurzame toekomst, maar vele kleine stappen maken vanzelf een grote, dus we beginnen in ’s-Hertogenbosch. Gedurfde keuzes en ruimte voor out-of-the-box- oplossingen creëren banen en maken ’s-Hertogenbosch in 2022 een voorbeeld voor andere steden. Ook financieel, waar we naast een stevige eigen inbreng blijvend zoeken naar slimme combinaties en (regionale) samenwerkingsverbanden die geld besparen én resultaten opleveren. GroenLinks daagt uit om:

  • schone mobiliteit, energiebesparing, recycling en hergebruik zwaarder te laten wegen in de beoordeling van vergunningen voor evenementen en in de puntensystemen voor het inkoopbeleid van de gemeente.
  • leegstaande gebouwen te herontwikkelen tot duurzame bedrijfsverzamelgebouwen.
  • gemeentelijke opdrachten zo op te stellen, dat ook (samenwerkende) zelfstandigen en kleine bedrijven voldoende aan bod kunnen komen.
  • creatieve winkelmodellen te stimuleren. Winkelen combineren met recreatie, kunst, cultuur en educatie is een verrijking voor de gemeente.
  • alle evenementen zo groen mogelijk te maken, bijvoorbeeld door het geven van statiegeld op hard plastic glazen zoals bij theaterfestival Boulevard. En Oeteldonk kan naast rood-wit-geel ook groener.
  • in alle wijken en dorpen een reparatiecafé te realiseren zoals de ReparatieStraat in Boschveld.
  • de scheiding van afval bij de bron verder te stimuleren voor inwoners en bedrijven. Meer inzamelingspunten voor plastic afval zijn haalbaar.

Verantwoorde financiën

We investeren in mensen en de kwaliteit van de stad. Daarbij houden we onze financiële huishoudingop peil. Zo blijven we economisch sterk op weg naar een duurzame economie.
Bij belastingen gaan we zo veel mogelijk uit van de principes ‘de vervuiler betaalt’ en ‘de sterkste schouders dragen de zwaarste lasten’. GroenLinks daagt uit om:

  • meer geld vrij te maken door kritisch te kijken naar de uitgaven. Wat we willen maken we goedkoper, wat we niet willen maken we duurder.
  • minder zelf te financieren en meer te zoeken naar slimme combinaties en (regionale) samenwerkingsverbanden die geld besparen.
  • alleen financiële ondersteuning te geven aan initiatieven die niet (geheel) op eigen kracht van de grond kunnen komen of die zonder de steun niet (op het gewenste niveau) kunnen voortbestaan.
  • terughoudend te zijn in de stijging van gemeentelijke belastingen.
  • in te zetten op meer ‘revolverende’ fondsen (die zichzelf op termijn weer vullen met een deel van de besparingen/opbrengsten en zo steeds nieuwe investeringen mogelijk maken).
  • de financiële begroting (in miljoenen euro’s) te koppelen aan een klimaatbegroting (in megatonnen CO2).