Groene en gezonde omgeving

Natuur, landbouw en dierenwelzijn

’s-Hertogenbosch is een compacte stad omgeven door groen en water, met een grote rijkdom aan plant- en diersoorten. Dat is het startpunt. Sterker nog, iedereen verdient meer groen in de stad, wijken en dorpen. GroenLinks gaat voor schone lucht en een gezonde omgeving. Dat vraagt om heldere keuzes. GroenLinks daagt uit om:

  • vanuit een heldere ecologische stadsvisie te werken aan een gezonde en aantrekkelijke omgeving voor mens en dier.
  • meer buurttuinen, groene daken en ander buurtgroen te ontwikkelen. Gemeentelijke ‘buurtgroenwerkers’ ondersteunen dit.
  • bij de herontwikkeling van gebieden meer (tijdelijke) natuur, groen en stadslandbouw te creëren.
  • te zorgen dat elke school voor 2022 een schooltuin heeft.
  • voor 2022 een centrum te hebben voor natuur- en milieueducatie.
  • een interactieve kaart te onderhouden van de lucht-, bodem- en waterkwaliteit, zodat gericht maatregelen kunnen worden genomen overal waar dat nodig is.
  • meer groene en gezonde voeding uit de eigen regio te halen en de landbouw duurzamer en diervriendelijker te maken. Dat helpt ook de leefbaarheid op het platteland. Nieuwe megastallen? Dacht het niet. Biologische landbouw? Ja, graag.
  • het makkelijker te maken om landbouw te combineren met andere maatschappelijke functies zoals natuurbeheer, zorgboerderijen en het opwekken van duurzame energie.
  • beter zorg te dragen voor dierenwelzijn, zoals al blijkt uit ons initiatiefvoorstel, Bossche Aanpak Dierenwelzijn van mei 2017.

Bereikbaarheid en mobiliteit

Hoe duidelijk kun je zijn? Voor GroenLinks zijn fiets, voetganger en openbaar vervoer leidend bij infrastructuurprojecten en de inrichting van straten en gebieden. Voor het autoverkeer dat overblijft, kiezen we vernieuwende en moderne oplossingen. Denk dan aan deelvervoer en elektrische auto’s. Mobiel zijn is belangrijk, maar mag niet ten koste gaan van gezondheid en leefbaarheid. Verkeersveiligheid, geluidsoverlast, fijnstof en andere luchtverontreinigingen zijn serieuze problemen. Vooroplopen in de ontwikkelingen om duurzamer en schoner mobiel te zijn is mogelijk en gaan we doen. GroenLinks daagt uit om:

  • meer en betere fietsstraten (met voorrang voor de fiets) naar de binnenstad aan te leggen.
  • bij de ontwikkeling van het GZG-terrein nieuwe gratis stallingen te maken voor minimaal duizend fietsen. En betere stallingen bij onder meer het ziekenhuis, theater, scholen en winkelcentra in dorpen en wijken.
  • weesfietsen op te laten knappen voor inwoners met lage inkomens.
  • de binnenstad volledig autoluw te maken en de transferia fors uit te breiden met behoud van goedkoop busvervoer en leenfietsen.
  • de maximumsnelheid in het centrum te verlagen naar 30 km/u en verder te gaan met het aanleggen van de binnenstadsboulevard.
  • aan de rand van de binnenstad voldoende nieuwe oplaadpunten voor elektrische auto’s te realiseren om de groei van elektrisch vervoer te ondersteunen en faciliteren.
  • als gemeente lokale bedrijven, instellingen en bewonersinitiatieven te helpen die met duurzame (vervoers)oplossingen komen.
  • als gemeente alleen nog elektrische voertuigen aan te schaffen of andere schone alternatieven (zoals alle vuilniswagens op groen gas).

Wonen en ruimtelijke ordening

Voor de nieuwe gemeentelijke omgevingsvisie is een groene en gezonde omgeving altijd ons belangrijkste uitgangspunt. We beschermen kwetsbare natuur en ons mooie landschap. We willen groene en gevarieerde dorpen en wijken, die op een efficiënte en duurzame manier met elkaar en de regio verbonden zijn. Kwaliteit van en variatie in het woningaanbod is waar we van uitgaan. GroenLinks daagt uit om:

  • geen nieuwe uitbreidingslocaties toe te staan die ten koste gaan van natuur. Door verdichting, (middel)hoogbouw en betere benutting van de ruimte is er voldoende plaats voor nieuwe woningen.
  • in alle wijken te zorgen voor een goede mix van goedkopere en duurdere woningen, van huur en koop en te zorgen voor een aanbod dat aansluit bij specifieke wensen.
  • de wachtlijst voor sociale woningen te verkorten, onder meer door de bouw van nieuwe betaalbare woningen.
  • meer initiatieven mogelijk te maken waarbij mensen zelf (gezamenlijk) hun woningen bouwen, met ruimte voor experimentele bouwprojecten en woonvormen.
  • meer te investeren in kleinschalige woon-zorgprojecten in de buurt. Speciale aandacht gaat daarbij uit naar bijzondere woonvormen, zoals groepswonen voor ouderen met gedeelde voorzieningen.
  • koploper te zijn in duurzaam bouwen en wonen.